(Straatjournaal)
Een vorm van bad-bed-broodregeling moet nog in stand blijven, zo besloot een rechter in december. Dat biedt vooral de Rotterdamse ongedocumenteerde daklozen enige rust, want dit is de enige gemeente die niet bereid was na het schrappen van de LVV-regeling de bed-, bad- en broodkosten over te nemen. Verschillende organisaties, waaronder de Pauluskerk en stichting Rotterdams Ongedocumenteerden Steunpunt (ROS), blijven voor en met hen strijden.
Tekst: Astrid van Unen
“Als je mensen in de opvang hebt, kun je ze niet zomaar op straat zetten omdat je er geen zin meer in hebt, of omdat je het te duur vindt, of omdat je vindt dat ze bij de verkeerde categorie horen.” De visie van directeur-predikant Martijn van Leerdam van de Pauluskerk in Rotterdam is helder: iedereen heeft recht op een bed. Daarom vonden hij en zijn collega’s het onverteerbaar dat ongedocumenteerden afgelopen najaar een brief kregen met de mededeling de opvang per 1 januari 2025 te verlaten. “Een eenzijdig besluit”, zegt Van Leerdam. “Je kunt mensen in een ziekenhuis of in een verpleeghuis ook niet zomaar op straat zetten. Je hebt een zorgplicht als mensen van jou afhankelijk zijn.”
De Landelijke Vreemdeling Voorziening (LVV) startte in 2019 als pilot in de gemeenten Groningen, Utrecht, Eindhoven, Amsterdam en Rotterdam. Minister Marjolein Faber (PVV) van Asiel besloot in 2024 om de regeling te beëindigen. Vier van de vijf gemeenten zegden daarop toe de LVV uit eigen middelen voort te zetten. Maar niet Rotterdam.
Rotterdam stond sowieso anders in de LVV-regeling. De toegang werd hier volgens Van Leerdam veel meer toegeknepen. Nu was toegang al een moeizaam proces, omdat het loket waar ze zich moesten aanmelden lange tijd onvindbaar bleek. Maar ook omdat ambtenaren vooral vanuit bureaucratische regels de aanvragen beoordeelden. “Er is een aantal criteria waaraan een ongedocumenteerde moet voldoen”, legt Van Leerdam uit. “In de andere steden was voldoen aan de meesten daarvan ook goed. Hier niet, Rotterdam eist wel alle criteria. ‘Als je er niet aan voldoet, zoek je het zelf maar uit’, is hier de opvatting. Met het gevolg dat er nog tientallen ongedocumenteerden rondzwerven in de Rotterdamse straten, omdat ze niet voor alle criteria zijn geslaagd.”
De Pauluskerk werkte mee aan de vormgeving van de LVV en was drie jaar lang een van de LVV-locaties in Rotterdam. “Een deel van die doelgroep sliep hier ook, op de derde en vierde etage. We hebben natuurlijk slaapgelegenheid, maar normaal gesproken werken wij niet in opdracht van de gemeente. We vonden het geen perfecte regeling, maar wilden aan de vergadertafel van het stadhuis toch nog invloed uitoefenen. We merkten echter al snel dat veel van die bedden vakkundig werden leeg gehouden: mensen kwamen niet door de ambtelijke ballotage heen. Vervolgens moesten wij elke avond die mensen weer op straat zetten. Als je hier werkt met kwetsbare mensen en je hebt bedden die keurig opgemaakt zijn en je mag ze dan niet gebruiken… dat is bijna niet te verkroppen.”
De Pauluskerk heeft in die drie jaar “de nodige robbertjes” uitgevochten aan de vergadertafel, vertelt Van Leerdam. “Uiteindelijk besloten we begin vorig jaar al te stoppen met de LVV. De gemeente wilde het aantal bedden toch al inkrimpen, want die zag ook dat het grootste deel van de bedden leegstond. Eigenlijk zeggen de cijfers alles. Amsterdam heeft vijf- à zeshonderd bezette bedden, Rotterdam 45, terwijl er heus niet minder ongedocumenteerden zijn. De regeling is hier bewust ingekaderd en dat is niet ok. Intussen zien we deze mensen afglijden.”
Nu zijn de bedden van de Pauluskerk weer wel allemaal bezet. “Dat betalen we zelf met behulp van liefdadigheid. Zo kunnen we tenminste zelf bepalen wie hier mag slapen en hoeven we niet steeds handjeklap te spelen met het stadhuis.” Intussen vechten de medewerkers voor de laatste 45 ongedocumenteerden die nog wel in de LVV-regeling zitten. “Als we dit niet winnen”, zegt Van Leerdam, “slapen er niet 250 mensen op straat in Rotterdam, zoals gebruikelijk, maar bijna driehonderd.”
Stichting Rotterdams Ongedocumenteerden Steunpunt (ROS) heeft tot en met december vorig jaar allerlei protestacties georganiseerd tegen de voorgenomen afschaffing van de LVV, waaraan ook de bezoekers van de Pauluskerk deelnamen. ROS helpt ongedocumenteerden waar mogelijk en heeft 22 bedden voor volwassen ongedocumenteerden, waarvan een deel onder de LVV-regeling valt. Op dit moment wonen er ook nog twee hele jonge kinderen.
Yong Ng woont nu bijna een half jaar in de opvang van ROS. Ze was lange tijd gedocumenteerd, maar ontdekte per ongeluk dat haar verblijfsvergunning niet was verlengd. Stichting ROS helpt haar nu alsnog de nodige documenten te krijgen. Ook behoort zij tot de ongedocumenteerden die individueel bezwaar hebben aangetekend tegen de beslissing de LVV-regeling te schrappen. Mevrouw Yong is een graag geziene gast. Ze is sociaal, warm en kan geweldig koken, zoals blijkt tijdens de open lunch op woensdag. Dan is iedereen welkom, bezoekers krijgen voor vijf euro een heerlijke maaltijd voorgeschoteld. De ongedocumenteerden mogen gratis mee-eten.
Mevrouw Yong serveert op een woensdagmiddag in januari tijdens de wekelijkse ROS-lunch de gasten witte rijst, gebakken ei met groenten, en tofu in een kokossaus met aubergine en spitskool. Geen wonder dat ze goed kan koken: ze heeft decennia in restaurants gewerkt. In de opvang van Stichting ROS deelt mevrouw Yong haar kamer met twee anderen. Ze wordt in april 66. “Ik had mijn ouder-worden heel anders voorgesteld”, zegt ze verdrietig. “Ik had graag een eigen woonruimte gehad.”
Geboren in Singapore wordt ze als klein meisje geadopteerd door Chinese ouders. Midden jaren zeventig van de vorige eeuw komt ze samen met haar stiefmoeder naar Nederland. Haar stiefvader heeft er al kwartier gemaakt. In 1980 trouwt ze met een man die ze heeft ontmoet in een Chinees restaurant. Daarmee krijgt ze meteen een verblijfsvergunning. Na zeven jaar strandt het huwelijk; mevrouw Yong verhaalt van misleiding en gokverslaving, voor haar redenen om weg te lopen. Ze gaat haar eigen weg, ontmoet nieuwe restauranteigenaars en werkt decennia als gastvrouw en manager in de horeca. Ze verdient goed, maar vergeet geld opzij te zetten voor haar oude dag. “Ik heb nu geen baan, maar ook geen uitkering en straks geen recht op AOW. Ik ben dom geweest. Maar ik ben ook lange tijd met mensen omgegaan die tegen me logen.”
Toen ze in het gemeentehuis van Noordwijk, waar ze een decennium geleden woonde, haar rijbewijs wilde verlengen, zei de ambtenaar dat dat niet kon. “Uw verblijfsvergunning is verlopen, mevrouw”, zo klonk het. Mevrouw Yong snapt nog steeds niet hoe dit heeft kunnen gebeuren. Had ze tussendoor een stempeltje moeten halen voor haar paspoort? Ze had toch een permanente verblijfsvergunning?
Na nog wat omzwervingen en logeerpartijen bij vrienden is mevrouw Yong nu in de veilige armen van Stichting ROS beland. Hier gaan ze aan de slag met een hernieuwde verblijfsvergunning. Het traject loopt nog, dus het is onduidelijk of dit gaat lukken. Natuurlijk is ze bang voor het vervolg van de LVV-regeling en de rechtszaken, zegt ze. Maar voorlopig vertrouwt ze op de medewerkers van ROS.
ROS-coördinator Maarten Goezinnen ziet hoeveel stress de afgelopen periode bij zijn ongedocumenteerde bewoners en bezoekers heeft veroorzaakt. “Het deed veel met ze, te horen en te lezen dat ze per 1 januari op straat zouden komen te staan”, zegt hij. “Maar het feit dat wij, samen met andere organisaties, strijdvaardig gingen actievoeren, maakte hen ook weer strijdbaar. Uiteraard liepen ze mee met prostestmarsen.”
Dat het nu vooral afwachten is, maakt het voor de ongedocumenteerden niet gemakkelijk, zegt Goezinnen. Stichting ROS gaat in elk geval gewoon door. “We zijn hier achter de schermen vooral bezig met alternatieve financiering. En gelukkig staan de fondsen die we hebben benaderd hier positief tegenover. Dus wat er ook gebeurt, wij blijven mensen opvangen.”
[in kader]
De rechtszaak
De eerste overwinning is binnen. Dankzij advocaat Pim Fischer is minister Faber van asiel op haar vingers getikt: ze mag niet de elementaire voorzieningen van mensen om te kunnen bestaan afnemen. Eerst moeten de ongedocumenteerden die gebruik maken van deze regeling de kans krijgen om bezwaar aan te tekenen. Fischer: “De minister moet bed bad brood blijven bieden tot vier weken na de beslissing op bezwaar. En wanneer dat besluit op bezwaar komt weet niemand.” Dat de minister niet zomaar kon ophouden met het bieden van voorzieningen kwam heel onverwacht, zegt Fischer. “Pas na de beslissingen van de rechtbanken Rotterdam, Den Bosch, Utrecht en Amsterdam kwam er een adres waar bezwaarschriften heen konden worden gestuurd.”
Fischer staat nu bijna vijfhonderd ongedocumenteerden uit alle vijf gemeenten individueel bij. Hij noemt het een “kansvolle zaak”. Nederland hoort zich aan het recht van de Europese Unie te houden. Bovendien ligt er een uitspraak van het EU Hof van 12 september vorig jaar, vertelt Fischer. Het zogenoemde Changu-arrest bepaalt onder meer dat een EU-lidstaat een ongedocumenteerde vreemdeling niet in ‘een toestand van zeer verregaande materiële deprivatie’ mag laten terechtkomen. “Met andere woorden: totdat diegene vertrekt, moet voorzien worden in elementaire basisvoorzieningen. Hier gaan we verder op voortbouwen. Als de minister niet tot inzicht komt, dan volgt beroep en dan zal weer om een voorziening gevraagd worden voor de duur van die beroepsprocedure.”
[einde kader]